Het land van de rijzende zon ontdekken: 8 tips voor de perfecte reis naar Japan
Japan is zo’n bestemming waar je na één reis waarschijnlijk nog lang niet alles hebt gezien. Je hebt er gigantische steden vol neon, eeuwenoude tempels, bergen en eten waar je waarschijnlijk iedere dag opnieuw iets nieuws wilt proberen. Juist die enorme afwisseling maakt een rondreis door Japan zo bijzonder. Maar waar begin je? Van Tokyo en Mount Fuji tot Kyoto en de Japanse Alpen: met deze acht tips haal je zoveel mogelijk uit je reis.
1. Begin je reis in Tokio
Op Reisjunk vind je volop inspiratie voor allerlei bestemmingen over de hele wereld. Maar wie Japan op zijn lijstje heeft staan, kan het beste beginnen in Tokio. Het is de ideale plek om kennis te maken met Japan. De stad is gigantisch, maar voelt tegelijkertijd georganiseerd en overzichtelijk. Trek er minimaal een paar dagen voor uit en probeer verschillende locaties in de stad mee te pakken.

Lees ook: Bijzonder: Japan gaat op zoek naar een reservehoofdstad
Begin bijvoorbeeld bij de Senso-ji-tempel in Asakusa en ga daarna richting Shibuya Crossing. ’s Avonds kun je uitgaan in Shinjuku, waar neonlichten, restaurants en kleine izakaya’s de stad een compleet andere sfeer geven. En vergeet vooral niet om gewoon doelloos door een paar wijken te lopen. In Tokio kom je juist dan de leukste plekken tegen.
2. Plan een uitstapje naar Mount Fuji
Mount Fuji is misschien wel een van de bekendste plekken van Japan. De vulkaan is 3.776 meter hoog en vormt vanuit verschillende plekken een spectaculair beeld. Een van de beste plekken is de omgeving van Lake Kawaguchi. Vanaf Tokio kun je hier eenvoudig komen en eenmaal aangekomen kun je de omgeving te voet of per fiets ontdekken. Wil je de Mount Fuji echt beklimmen? Het officiële klimseizoen is in de zomer. Voor meer inspiratie voor je reis naar Japan kun je ook verschillende routes en bestemmingen met elkaar vergelijken.
3. Pak Kyoto mee voor het traditionele Japan
Na het drukke Tokio is Kyoto bijna een compleet andere wereld. Hier draait het veel meer om tempels, traditionele straatjes en de eeuwenoude cultuur. Bezoek Fushimi Inari Taisha, loop door het Arashiyama-bamboebos en bewonder het gouden Kinkaku-ji. In de avond is Gion een goede plek om rond te lopen en traditionele Japanse architectuur te zien.
4. Maak tijd voor Nara
Nara is een van die plekken die je gemakkelijk kunt overslaan, omdat je denkt dat je al genoeg tempels hebt gezien. Zeker niet overslaan. De stad staat vooral bekend om de honderden herten die vrij rondlopen. Ze zijn inmiddels behoorlijk gewend aan mensen en sommige dieren weten precies dat toeristen eten bij zich hebben. Combineer je bezoek met de Todai-ji-tempel, waar een enorme bronzen Boeddha staat. Nara is vanuit Kyoto makkelijk als dagtrip te bezoeken.

5. Zoek de bergen op
Japan is veel meer dan Tokio, Kyoto en Osaka. Wie wat meer natuur wil zien, kan het beste richting de Japanse Alpen gaan reizen. Kamikochi is bijvoorbeeld een indrukwekkend natuurgebied met bergen, bossen, rivieren en wandelroutes. Het gebied is vooral populair onder wandelaars en voelt een heel stuk rustiger dan de bekende steden. Ook Takayama is een goede plek. Hier kun je ook kennismaken met de traditionele kant van Japan en bijvoorbeeld in een ryokan of tempel overnachten.
6. Vergeet Osaka niet
Osaka is de stad waar je juist met een lege maag naartoe moet gaan. De stad staat bekend om streetfood en een enorme hoeveelheid restaurants. Dotonbori is het bekendste gebied. De gigantische neonreclames, het kanaal en de eindeloze rijen aan restaurants maken dit een plek waar je langer blijft dan gepland.
7. Plan minstens één bijzondere ervaring
Een rondreis wordt leuker wanneer je niet alleen lijstjes met bezienswaardigheden afwerkt. Plan daarom minimaal één ervaring die je niet snel ergens anders zult meemaken. Denk aan slapen in een tempel, overnachten in een traditionele ryokan of ontspannen in een Japanse onsen. Ook een wandeling over een deel van de Kumano Kodo-pelgrimsroutes is een goede optie als je natuur en cultuur wilt combineren. Juist dit soort momenten blijven vaak langer hangen dan de zoveelste tempel die je afvinkt.

8. Probeer niet alles in één reis te proppen
Misschien wel de belangrijkste tip: accepteer dat je Japan niet in één keer kunt zien. Je kunt Tokio, Mount Fuji, Kyoto, Osaka, Nara en de Japanse Alpen allemaal combineren, maar geef jezelf onderweg ook de ruimte om ergens langer te blijven. Japan is een land waar je gemakkelijk uren kunt rondlopen zonder plan en toch steeds iets nieuws en interessants tegenkomt.
Maak daarom vooraf een route, maar laat genoeg ruimte over om ervan af te wijken. Want uiteindelijk draait een goede reis door Japan niet om zoveel mogelijk plekken afvinken, maar om zoveel mogelijk van het land ervaren.
Lees ook: Roadtrippen door Costa Rica: 4 tips voor de perfecte reis